![]() |
| Geelvleugelara (Ara macao) |
Papegaaien: een klein lichtpuntje in veel duisternis
Papegaaien. We associëren ze spontaan met hels lawaai, uitbundige olijkheid, felle kleuren en tropische gebieden. Het zijn inderdaad vooral vogels van de tropen en het evenaarsgebied, al leven op Nieuw-Zeeland de kea's in de berggebieden tot boven de boomgrens. De halsbandparkieten die over de hele wereld in stedelijke gebieden verwilderden en ook in mijn buurt floreren in het Kielpark en de Hobokense Polder, lijken evenmin problemen te hebben met ons spijts de global warming toch nog altijd vaak kille weer. Maar niettemin: papegaaien horen bij de tropen. In onze collectieve verbeelding vliegen ze rond in de dichte wouden van Zuid-Amerika, Afrika en Australië en op eilanden waar kokospalmen groeien, of ze zitten op de schouder van een Caribische piraat. Nu hebben de dieren en planten in die tropische wouden de jongste eeuwen flinke klappen gekregen door de niets ontziende roofbouw van de koloniale en postkoloniale economieën. Pretty Polly en haar verwanten hebben het hard te verduren. Vooral op tropische eilanden was de ravage enorm: niet alleen de iconische dodo, maar hele tropische eilandfauna’s zijn de jongste eeuwen door menselijk toedoen van de aardbodem verdwenen. Daarbij hebben nogal wat papegaaien het loodje gelegd. In Extinct Birds van Julian P. Hume en Michael Walters worden niet minder dan 32 soorten (bijna 10% van het totale aantal!) vermeld die sinds de 17de eeuw uitstierven, wat volgens de auteurs de papegaaien samen met de duiven en de rallen tot de meest geteisterde vogelgroep maakt.
Van een aantal van deze verdwenen papegaaien en parkieten weten we hoe ze eruit zagen, omdat natuurhistorische musea er balgen van hebben. Dat is zo voor, bijvoorbeeld, de paradijsparkiet Psephotus pulcherrimus uit oostelijk Australië (waar ook zwartwitfoto’s van bestaan), de Carolinaparkiet Conuropsis carolinensis uit Noord-Amerika (die eveneens op foto’s staat en die ook werd vereeuwigd door John James Audubon) en de de waarschijnlijk in de jaren 1950 verdwenen blauwgrijze ara Anodorhynchus glaucus. Van Lophopsittacus mauritianus en Necropsittacus rodericianus hebben we wat vage beschrijvingen en mogelijk ook afbeeldingen, afkomstig van zeevaarders ca. 1600, maar geen balgen, alleen enkele botten. We weten dat bij Lophopsittacus het mannetje veel groter was dan het vrouwtje en dat het donkere vogels waren – de zeelui hadden het over “Indische raven”. Necropsittacus was groen. Dat is het zo ongeveer: veel weten we niet dus. Op een gouache van George Edwards, gedateerd juli 1764, staat dan weer een baksteenrode papegaai met blauwe vleugelslagpennen afgebeeld waarvan geen stoffelijke resten bekend zijn en waarover ook verder niets is geweten. “A very uncommon parrot from Jamaica. Drawn from Nature the size of life,” noteerde Edwards erbij. Voor de rest weten we volstrekt niets over deze vogel.
Van een aantal van deze verdwenen papegaaien en parkieten weten we hoe ze eruit zagen, omdat natuurhistorische musea er balgen van hebben. Dat is zo voor, bijvoorbeeld, de paradijsparkiet Psephotus pulcherrimus uit oostelijk Australië (waar ook zwartwitfoto’s van bestaan), de Carolinaparkiet Conuropsis carolinensis uit Noord-Amerika (die eveneens op foto’s staat en die ook werd vereeuwigd door John James Audubon) en de de waarschijnlijk in de jaren 1950 verdwenen blauwgrijze ara Anodorhynchus glaucus. Van Lophopsittacus mauritianus en Necropsittacus rodericianus hebben we wat vage beschrijvingen en mogelijk ook afbeeldingen, afkomstig van zeevaarders ca. 1600, maar geen balgen, alleen enkele botten. We weten dat bij Lophopsittacus het mannetje veel groter was dan het vrouwtje en dat het donkere vogels waren – de zeelui hadden het over “Indische raven”. Necropsittacus was groen. Dat is het zo ongeveer: veel weten we niet dus. Op een gouache van George Edwards, gedateerd juli 1764, staat dan weer een baksteenrode papegaai met blauwe vleugelslagpennen afgebeeld waarvan geen stoffelijke resten bekend zijn en waarover ook verder niets is geweten. “A very uncommon parrot from Jamaica. Drawn from Nature the size of life,” noteerde Edwards erbij. Voor de rest weten we volstrekt niets over deze vogel.
![]() |
| Geoge Edwards, “A very uncommon parrot from Jamaica. Drawn from Nature the size of life.” Gouache, 1764. |
Over sommige verdwenen papegaaien weten we zo mogelijk nog minder. We weten, uit beschrijvingen van vroege reizigers, dat er op diverse tropische eilanden kleurige vogels hebben rondgevlogen die er nu niet meer zijn. Op grond van de schaarse informatie, oordeelden wetenschappers dat de dieren niet kunnen worden ondergebracht bij vormen die we vandaag kennen, en dat het dus om verdwenen soorten gaat. Maar bij gebrek aan feitelijk materiaal dat hun bestaan onomstotelijk staaft, blijven Psittacula eques, Necropsittacus francicus, Necropsittacus? borbonicus, Ara martinica, Ara erythrura, Ara atwoodi, Ara guadeloupensis, Ara gossei, Ara erythrocephala, Anodorhynchus purpurascens, Conurus labati, Psittacus violaceus, Amazona martinicana... hogelijk hypothetisch. We hebben alleen hun namen, zonder dat we weten welke biologische realiteit daarachter heeft gezeten.
Triest. Maar het gaat verder. In 1992 waren volgens James Ferguson-Lees (Endangered Birds) 70 soorten in hun voortbestaan bedreigd. Intussen werd het er niet beter op. Threatened Birds of the World telde 94 kwetsbare tot kritieke soorten in 2000 en één van die 94, de prachtige Spix' ara, wordt vandaag beschouwd als in het wild uitgestorven.
Papegaaien zijn al eeuwenlang uiterst populaire kooivogels, en precies die populariteit is mee verantwoordelijk voor de precaire situatie waarin veel soorten en populaties zich bevinden. De handel in tropische vogels eist een zware tol. In de jaren 1984-1988 werden niet minder dan 72.000 oranjevleugelamazonen en 230.000 grijze roodstaarten uit hun Zuid-Amerikaanse resp. Afrikaanse gebied van oorsprong weggevoerd; van de amazonen overleefde 19% het transport niet, terwijl van de roodstaarten 9% stierf. Deze cijfers zeggen slechts iets over de verliezen tijdens het transport en komen niet in de buurt van de totale sterfte ten gevolge van de vogelhandel. Ferguson-Lees schat dat voor iedere in het wild gevangen levende vogel in de dierenwinkel, er vier andere het loodje legden. En dan is er natuurlijk het wereldwijde verdwijnen van leefgebieden van papegaaien en parkieten: de massale houtkap in Zuid-Oost-Azië, Afrika en vooral Zuid-Amerika, waar in Brazilië sinds het aantreden van Jair Bolsonaro de vernietiging van het al zo geteisterde Amazonewoud nog in een stroomversnelling is terecht gekomen.
Bref: het gaat niet goed met de papegaaien. Dat de prachtige geelvleugelara, de nationale vogel van Honduras, aan een comeback bezig is, zoals ik lees in Smithsonian Magazine (*), is ongetwijfeld slechts een druppel op een hete plaat. Maar het blijft fijn nieuws voor een papegaaienzot als ik.
(*) https://www.smithsonianmag.com/science-nature/scarlet-macaw-recovery-national-bird-honduras-180974740/?fbclid=IwAR17nYnqJyo-XhDoT1yW3EtPmJJYexmvA9VC8lgUzjewiKr8YRthg39fAQA#.XqnMasqtAk9.facebook
Clement Caremans (c) 2020
Triest. Maar het gaat verder. In 1992 waren volgens James Ferguson-Lees (Endangered Birds) 70 soorten in hun voortbestaan bedreigd. Intussen werd het er niet beter op. Threatened Birds of the World telde 94 kwetsbare tot kritieke soorten in 2000 en één van die 94, de prachtige Spix' ara, wordt vandaag beschouwd als in het wild uitgestorven.
Papegaaien zijn al eeuwenlang uiterst populaire kooivogels, en precies die populariteit is mee verantwoordelijk voor de precaire situatie waarin veel soorten en populaties zich bevinden. De handel in tropische vogels eist een zware tol. In de jaren 1984-1988 werden niet minder dan 72.000 oranjevleugelamazonen en 230.000 grijze roodstaarten uit hun Zuid-Amerikaanse resp. Afrikaanse gebied van oorsprong weggevoerd; van de amazonen overleefde 19% het transport niet, terwijl van de roodstaarten 9% stierf. Deze cijfers zeggen slechts iets over de verliezen tijdens het transport en komen niet in de buurt van de totale sterfte ten gevolge van de vogelhandel. Ferguson-Lees schat dat voor iedere in het wild gevangen levende vogel in de dierenwinkel, er vier andere het loodje legden. En dan is er natuurlijk het wereldwijde verdwijnen van leefgebieden van papegaaien en parkieten: de massale houtkap in Zuid-Oost-Azië, Afrika en vooral Zuid-Amerika, waar in Brazilië sinds het aantreden van Jair Bolsonaro de vernietiging van het al zo geteisterde Amazonewoud nog in een stroomversnelling is terecht gekomen.
Bref: het gaat niet goed met de papegaaien. Dat de prachtige geelvleugelara, de nationale vogel van Honduras, aan een comeback bezig is, zoals ik lees in Smithsonian Magazine (*), is ongetwijfeld slechts een druppel op een hete plaat. Maar het blijft fijn nieuws voor een papegaaienzot als ik.
(*) https://www.smithsonianmag.com/science-nature/scarlet-macaw-recovery-national-bird-honduras-180974740/?fbclid=IwAR17nYnqJyo-XhDoT1yW3EtPmJJYexmvA9VC8lgUzjewiKr8YRthg39fAQA#.XqnMasqtAk9.facebook
Clement Caremans (c) 2020

